Het oeuvre van Sef Peeters, vanaf de eerste performances en fotowerken tot aan de latere installaties en objecten, draait rond één centrale vraag: zijn bestaansrecht als kunstenaar. Met voor hem cruciale werken als De Poging, Phoenix, ik ben een beeldhouwer, 1,2,3-Dood, The Practice of Living en vele andere werken, vraagt hij zich af wanneer iets een beeld wordt, wanneer iets kunst is, en hoe een beeld zich anders gedraagt dan taal, als het om betekenis gaat?
Op het eerste gezicht oogt zijn werk speels en toegankelijk, maar achter die eerste indruk gaan belangrijke existentiële en filosofische vragen schuil over kunst en het kunstenaarschap: wat maakt iemand tot kunstenaar, wanneer krijgt een beeld betekenis? Wat betekent succes en wanneer ben je als kunstenaar precies succesvol? ‘Het mooie falen, daar ben jij meester in. Het falen sublimeren is jouw specialiteit.’ (Sjarel Ex, directeur Museum Boymans van Beuningen). En hoe verhoudt je werk als kunstenaar zich tot je leven als mens? Steeds is daarbij zijn eigen leven uitgangspunt. Het materiaal is vaak dat wat voor handen is: “Ik heb geen ambacht, geen metier, ik ben conceptueel kunstenaar.”
Al vroeg in 1976 werd het belang van zijn werk opgepikt door de initiatiefnemers van De Appel in Amsterdam en niet veel later(1978-79) door Bureau Buitenland, die Peeters uitnodigden voor een rondreizende groepstentoonstelling Personal Worlds, met o.a. werk van Bas Jan Ader, Pieter Laurens Mol en Moniek Toebosch. Daarna volgden talloze tentoonstellingen in binnen- en buitenland.
Sef Peeters geeft in zijn werk geen antwoorden, maar probeert in dialectische werken vooral de beschouwer zelf aan het denken te zetten. Tegenstellingen als naar buiten treden of naar binnen keren, het lichaam en het object, vorm en inhoud, beeld en taal, speelden daarbij een belangrijke rol. Met de nodige dosis humor wees hij de kijker op het feit dat het leven, en dus ook de kunst, nooit eenduidig is, soms zelfs onmogelijk of zich beweegt tussen onverenigbare polen. De titel van de tentoonstelling ‘Sef Peeters – Zwaar als een vogel’, is gebaseerd op één van zijn vroegste installaties Heavy as a bird en verwijst naar die polariteit.
Doordat de vragen die hij zichzelf in zijn werk stelt, uiterst persoonlijke vragen zijn van een kunstenaar, gaat dat werk over het kunstenaarschap, de positie van de kunstenaar, de kracht van een beeld en de verhouding van dat beeld met taal en betekenis. Zaken die ook vandaag uitermate actueel zijn voor met name jonge kunstenaars.
Tot zijn overlijden in augustus j.l. werkte ik samen met de kunstenaar aan een tentoonstelling voor Stedelijk Museum Breda. Deze tentoonstelling was te zien van 15 februari tm 14 juni 2020.
Vincent Oudendijk maakte in opdracht van STDLK Breda een registratie van de tentoonstelling.
Bij de tentoonstelling werd een filmisch portret getoond van de kunstenaar door Atelier La Machine (Marijke de Bie). En er verscheen een zaalgidsje vormgegeven door Berry van Gerwen.